| Brams eerste roofblei |
|
|
|
| maandag, 27 oktober 2008 16:10 | |||
Roofblei op de droge vlieg?De roofblei. Een vis waar we door het pionierswerk van sommigen langzamerhand steeds meer van horen en lezen. Ook mij was het tot nu toe nog niet gelukt deze, tot de verbeelding sprekende vis, te vangen. Sjef en ik gingen op zoek naar de roofblei. De rivier de Waal was het gekozen doel. De plaats die we hadden uitgezocht, met name de kribben, stonden grotendeels onder water.
De eerste van BramIedere boot die voorbij kwam stuwde de golven omhoog en dat bleef niet zonder gevolgen. Sjef was na zo’n grote golf ineens zijn schepnet kwijt. Na wat zoeken en wroeten met de punt van zijn hengel kon hij het net weer boven water krijgen en moest hij zich snel opmaken voor de volgende golvenregen. Wegwezen dus. Zeer snel stromendMan wat gaat die rivier te keer zeg. Juist in de snel stromende gedeeltes zouden deze roofbleien zich ophouden en gedesoriënteerde visjes zouden op deze plaatsen een makkelijke prooi vormen voor deze rovers. Maar hoe we ook gooiden, menden en supersnel stripten, geen vis. Nu had Sjef op deze plek al eens eerder roofblei gevangen dus er was wel vertrouwen. De vangst bleef uit.
Een echte rover
Roofblei, een prachtige visDan maar naar De WaalWe besloten naar een andere plaats in de Waal te gaan. Dit was hele andere koek. Hoewel dit gebied flink stroomde kon je toch redelijk controle houden over de vliegenlijn. De zon kwam af en toe door en vlak bij de stenen zag ik een heel klein snoekje, hooguit 3 centimeter, een beetje scharrelen. Ook zag ik in het zonlicht hele kleine visjes in grote scholen vlak langs de kant voorbij zwemmen. Maar ook nu, geen roofblei. We besloten te stoppen en liepen samen terug naar richting auto. We kwamen langs een spuisluis en ik zag in mijn ooghoek een kring in het water. Ik besloot naar de waterkant te lopen om te kijken of er meer vis te bekennen was. Ik zag wederom een kolk en ik kon ook een donkergrijze V staart de diepte in gaan. Ik bracht mijn lijn op lengte en ik viste de kanten helemaal af. Ook Sjef kwam later bij me staan, maar ook nu geen vis. Tegen de sluisWe liepen omhoog langs de betonnen rand van de sluis. Toen zag ik aan de ander kant opnieuw vissen jagen. We liepen er naar toe en we zagen drie flinke vissen iets van of uit de oppervlakte pakken. We zaten op de betonnen rand zon meter of 3 boven het water. Ik besloot er snel een dikke palmer, haak #8, aan te binden. Ik bracht op grote hoogte mijn lijn op lengte en liet de palmer in het water zakken. De vissen zwommen steeds weer langs de kant en trokken vrij snel in cirkels voorbij. Totdat ik er weer een aan zag komen en ik mijn palmer met een precisie worp op een meter voor de vis liet neerkomen. Deze trok een sprint en pakte resoluut mijn vlieg en toen was het oorlog. Hoewel ik mijn enthousiasme niet kon onderdrukken haalde ik mijn lijn binnen en liep ik snel langs het bouwwerk naar beneden. Inmiddels kwam de vis al wat naar de kant maar hij bood wel flinke tegenstand. Het was een feit, mijn eerste roofblei had ik gevangen. Misschien was de vis niet groot, maar voor mij wel groots! En gevangen aan de droge vlieg, en dat zal ook niet ieder dag gebeuren denk ik. Voor mij is dit de opmaat naar de soortgenoten klein en naar ik hoop ook groot. Wat een vis. Bram
|
|||
| Laatst aangepast ( maandag, 08 juni 2009 13:44 ) |














